Van riek tot vork: zo wordt vlees streng gecontroleerd
Hoe weet je vandaag nog wat er precies op je bord ligt? Het is een vraag die steeds meer mensen zich stellen. In de Belgische varkenssector wordt daarop ingespeeld met meer transparantie en strengere controles. Dankzij BePork, een kwaliteitslabel dat de volledige keten bewaakt van riek tot vork, ben je als consument zeker van varkensvlees van bij ons en weet je veel beter wat je eet. Maar wat betekent dat precies? Rik Bogaert, varkenshouder en bestuurslid van PORK.be, legt het uit.
Van riek tot vork: alles wordt opgevolgd
BePork is niet zomaar een label; het brengt de volledige varkensvleesketen samen in één systeem: van diervoederproducten en varkenshouders tot transporteurs, slachthuizen, uitsnijderijen en vleesverwerkers. Belpork vzw, de organisatie achter het label, bewaakt die aanpak en zet al jaren in op kwaliteit en transparantie. Daardoor wordt informatie niet langer per schakel opgevolgd, maar doorheen de hele keten. Zo is elk stukje varkensvlees sneller traceerbaar.
“Traceerbaarheid bestond al langer”, zegt Rik Bogaert, varkenshouder en bestuurslid van PORK.be. “Maar we leggen onszelf nog strengere regels op. Het pad van echt élk stukje vlees wordt bijgehouden, van bij de varkensproducent tot op je bord. Hierdoor weet je exact wat je eet. Zo’n doorgedreven en sectorbreed georganiseerd systeem is internationaal uitzonderlijk.”
Foto © Marco Mertens - Boerenbond
Meer dan wettelijk verplicht is
De wet legt een basis vast, maar binnen BePork gaan alle bedrijven nog een stapje verder. Een belangrijk hulpmiddel daarbij is de duurzaamheidsmonitor: een tool die in kaart brengt hoe bedrijven scoren op verschillende vlakken. Niet alleen milieu- en klimaatparameters (zoals water- en energieverbruik), maar ook dierenwelzijn, diergezondheid, economische en sociale aspecten worden meegenomen. “Die duurzaamheidsmonitor brengt maatregelen die bedrijven nemen in kaart”, legt Rik Bogaert uit.
Duurzaamheid in de praktijk
Die aanpak blijft dus niet theoretisch, je ziet het ook op het terrein. Bedrijven gaan bewuster om met bijvoorbeeld water, energie en grondstoffen. “Wij monitoren ons waterverbruik continu zodat we eventuele lekken meteen kunnen aanpakken”, aldus Rik Bogaert. “Onze installaties reinigen we dan weer uitsluitend met regenwater. Verspilling proberen we ook zoveel mogelijk te beperken. Zo maken we gebruik van een voedersysteem waarbij de zeugen via een sensor zelf om voeder kunnen vragen. Hierdoor wordt minder voeder vermorst.”
Foto boven © Marco Mertens - Boerenbond
Extra aandacht voor dierenwelzijn en gezondheid
Ook op vlak van dierenwelzijn en diergezondheid gaat de sector verder dan de wetgeving. “We hebben losloopkraamstallen waar zeugen voor en na het werpen vrij kunnen bewegen, wat beter is voor hun welzijn”, legt Rik Bogaert uit. “Ook maken we gebruik van klimaatzones: een warmere klimaatzone voor het biggennest en een koelere klimaatzone voor de zeugen. Zo is er in de kraamstallen zowel voor de zeugen als de biggen een aangenaam klimaat. Bovendien wordt er verwarmd met een warmtepomp waardoor we geen fossiele brandstoffen hoeven te gebruiken.”
Daarnaast wordt er sterk ingezet op hygiëne en ziektepreventie, geeft Rik Bogaert mee. “Om de varkens gezond te houden, hebben wij een sanitair sas waar iedereen zich moet douchen en omkleden voor ze de stal in mogen. Binnen volgt iedereen een looplijnensysteem waarbij je van de jongste biggen richting de oudere varkens gaat. Zo kunnen we de jongere varkens zeker niet besmetten met kiemen van oudere dieren. Dankzij dit systeem hebben we het antibioticagebruik op de boerderij tot nul kunnen herleiden. Daar zijn we ontzettend trots op.”
Topkwaliteit tot op je bord
Voor jou als consument betekent dit vooral duidelijkheid én topkwaliteit op je bord. Je weet beter waar je vlees vandaan komt, hoe het geproduceerd is en welke controles het heeft doorlopen. Kortom, het is ons beste vlees ooit!
Gefinancierd door de Europese Unie. De hier geuite ideeën en meningen komen echter uitsluitend voor rekening van de auteur(s) en geven niet noodzakelijkerwijs de ideeën of meningen van de Europese Unie of het Europees Uitvoerend Agentschap onderzoek (REA) weer. Noch de Europese Unie, noch de steunverlenende autoriteit kan ervoor aansprakelijk worden gesteld.
